RI&E in de zorg: risico’s, regels en aanpak

Een RI&E in de zorg is verplicht vanaf je eerste medewerker, maar hij is lastiger sluitend te krijgen dan in andere sectoren. Je zwaarste risico’s zijn namelijk onzichtbaar: werkdruk, agressie en emotionele belasting laten zich niet meten zoals geluid of een onbeveiligde machine.

 

In deze blog lees je welke acht risico’s in de RI&E van een zorgorganisatie horen, welk branche-instrument bij jouw type organisatie past en wanneer toetsing verplicht wordt. Ook zetten we op een rij wat de Arbeidsinspectie controleert en wat de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) doet, want dat is niet hetzelfde.

 

Wil je het laten regelen? IVARBO stelt jouw RI&E compleet op. Vraag een gratis adviesgesprek aan, of bel 072 506 57 38.

Waarom is een RI&E in de zorg anders dan in andere sectoren?

Elke zorgorganisatie met personeel is wettelijk verplicht een RI&E te hebben: een risico-inventarisatie en -evaluatie die vastlegt welke risico’s je medewerkers lopen en wat je eraan doet. Bij een RI&E in de zorg zit de moeilijkheid zelden in het invullen. Je zwaarste risico’s zijn namelijk onzichtbaar: werkdruk, agressie, emotionele belasting. Precies díe moet je kunnen aantonen, in je RI&E en in je plan van aanpak.

In een fabriek kun je een risico meestal aanwijzen. Een onbeveiligde machine, een te hoog geluidsniveau, een stof die je kunt meten. In de zorg werkt dat anders. Je zwaarste risico’s zijn psychosociaal: werkdruk, emotionele belasting, agressie. Ze zitten in ervaringen van medewerkers en ze veranderen mee met je bezetting: één langdurig zieke op een klein team verandert de werkdruk van iedereen.

Daar komt bij dat je werkplek niet altijd jouw werkplek is. In de thuiszorg werk je in de woonkamer of slaapkamer van een cliënt, met een bed dat te laag staat en een drempel die je niet mag weghalen. Je kunt die situatie niet inrichten zoals je zou willen. Je kunt er alleen op voorbereiden.

Drie dingen die de zorg verder apart zetten:

  • Wissel- en nachtdiensten. Onregelmatig werken is zelf een risico, en het maakt toezicht en opvang moeilijker.
  • Cliënten die niet zelfredzaam zijn. Bij brand of uitval kun je niet rekenen op zelfredzaamheid: ontruimen betekent tillen en rijden.
  • Personeelstekort. Een structureel tekort verhoogt de werkdruk van medewerkers langedurig

De rode draad: wat je niet ziet, moet je juist kunnen aantonen. Wil je sparren over jouw situatie? Vraag een gratis adviesgesprek aan, of bel 072 506 57 38.

Adviseur beoordeelt samen met een leidinggevende de werkomgeving binnen een zorglocatie.

Wat lees je in dit artikel over de RI&E in de zorg?

  1. Waarom is een RI&E in de zorg anders dan in andere sectoren?

  2. Is een RI&E verplicht voor een zorgorganisatie?

  3. Welke risico’s horen in de RI&E van een zorgorganisatie?

  4. Welk branche-RI&E-instrument mag je als zorgorganisatie gebruiken?

  5. RI&E of kwaliteitssysteem: wat toetst de Arbeidsinspectie en wat de IGJ?

  6. Hoe stel je de RI&E voor je zorgorganisatie op?

  7. Wat gaat er in de praktijk mis bij een RI&E in de zorg?

  8. Hoe pakt IVARBO de RI&E voor zorgorganisaties aan?

  9. Veelgestelde vragen

Geen tijd of kennis om zelf een RI&E op te stellen? Wij regelen het complete traject.

Is een RI&E verplicht voor een zorgorganisatie?

Ja. Zodra je één medewerker in dienst hebt, ben je verplicht een RI&E op te stellen. Dat staat in artikel 5 van de Arbowet. De grootte van je organisatie doet daar niets aan af: een huisartsenpraktijk met drie assistentes valt onder dezelfde verplichting als een zorgconcern.

Bij die RI&E hoort een plan van aanpak. Dat is geen los document en geen optionele bijlage, maar een wettelijk onderdeel van de RI&E zelf (artikel 5, lid 3). Daarin leg je vast welke maatregelen je neemt, wanneer, en wie ervoor verantwoordelijk is.

Zzp’ers zonder personeel hebben geen RI&E-plicht. Werken er andere Zzp’ers onder je gezag of uitzend- oproepkrachten, dan is een RI&E ook voor een zzp’er verplicht.

Wil je de verplichting, de uitzonderingen en de boetes in detail? Lees dan wanneer een RI&E verplicht is.

Zorgmedewerkers bespreken veiligheidsrisico's tijdens een RI&E bijeenkomst.

Welke risico’s horen in de RI&E van een zorgorganisatie?

Een goede zorg-RI&E dekt meer dan de fysieke werkplek. Deze acht thema’s horen er in vrijwel elke zorgorganisatie in te staan:

RisicoHoe het er in de praktijk uitzietRichting van de maatregel
Psychosociale arbeidsbelasting (PSA)hoge werkdruk, emotioneel belastende situaties, ingrijpende gebeurtenissen, ongewenst gedragonderzoek naar werkdruk, werkdrukbeleid, voldoende personele bezetting, opvang en nazorg, training en periodieke evaluatie
Agressie en geweldverbale of fysieke agressie door cliënten, bewoners, patiënten of bezoekersagressiebeleid, risicosignalering, meld- en opvangprocedure, scholing, afspraken over alleen werken
Fysieke belastingtillen en verplaatsen van cliënten, ongunstige werkhoudingen, repeterende handelingenergonomische werkplekken, til- en transferhulpmiddelen, werkorganisatie, instructie en periodieke evaluatie, til-instructie, ergonomische beoordeling per locatie
Biologische agentiacontact met bloed, lichaamsvloeistoffen, infectieuze cliënten of besmet materiaalinfectiepreventiebeleid, hygiënemaatregelen, veilige werkprocedures, vaccinatiebeleid en passende persoonlijke beschermingsmiddelen
Prikaccidentenprikaccidenten bij injecteren, bloedafname of verwerking van scherp medisch afvalveilige naaldsystemen, verbod op recappen, veilige afvalverwerking, incidentprocedure en nazorg
Gevaarlijke stoffenwerken met desinfectiemiddelen, schoonmaakmiddelen, anesthesiegassen of cytostaticastoffeninventarisatie, substitutie, blootstellingsbeoordeling, ventilatie en veilige werkprocedures
Alleen werken en nachtdienstalleen werken tijdens avond-, nacht- of thuiszorgdienstenbeleid voor alleen werken, alarmering, bereikbaarheid, periodieke risicoafweging en roosterbeleid
Calamiteiten met niet-zelfredzame cliëntenontruiming van afdelingen of woonlocaties met verminderd zelfredzame cliëntenbedrijfsnoodplan, ontruimingsoefening, BHV afgestemd op restrisico’s

Drie van die thema’s hebben een eigen wettelijke basis, en dat is precies waar zorg-RI&E’s het vaakst tekortschieten:

  • Psychosociale arbeidsbelasting moet als afzonderlijk onderwerp in de RI&E worden beoordeeld. Daarnaast moet de werkgever maatregelen opnemen in het plan van aanpak en een beleid voeren om PSA te voorkomen of te beperken. Dat volgt uit artikel 2.15 van het Arbobesluit in samenhang met de artikelen 3 en 5 van de Arbowet. Agressie en geweld vallen onder PSA.
  • Blootstelling aan biologische agentia moet je als onderdeel van de RI&E beoordelen op aard, mate en duur. Zie het Arbobesluit, hoofdstuk 4, afdeling 9.
  • Prikaccidenten kennen een eigen bepaling: artikel 4.97 van het Arbobesluit verplicht tot medische hulpmiddelen met een ingebouwd veiligheidsmechanisme en verbiedt het terugplaatsen van de beschermkap op een gebruikte naald.

Hoe je die risico’s vervolgens weegt en op prioriteit zet, lees je in risico’s beoordelen met Kinney & Wiruth.

Welk branche-RI&E-instrument mag je als zorgorganisatie gebruiken?

Voor de zorg bestaan branche-RI&E-instrumenten: vragenlijsten die zijn afgestemd op de risico’s van jouw type organisatie. Handig, want je begint niet bij nul. Verwarrend ook, want er is niet één zorg-instrument maar meerdere. Welk instrument geschikt is, hangt af van de branche waarin je werkzaam bent.

Type zorgorganisatieInstrumentBeheerder
ZiekenhuizenPRIO ZiekenhuizenStAZ
Verpleeghuizen, verzorgingshuizen en thuiszorg (VVT)ZorgRie VVTAO VVT
GehandicaptenzorgPRIO GehandicaptenzorgStAG
Geestelijke gezondheidszorgZorgRie GGZ of PRIO GGZO&O-fonds GGZ
HuisartsenpraktijkRI&E HuisartsenzorgSSFH
ApothekenRI&E Apothekenvia rie.nl

Naast het RI&E-instrument beschikt vrijwel iedere zorgbranche over een arbocatalogus. Daarin hebben werkgevers en werknemers vastgelegd welke maatregelen als goede praktijk gelden om arborisico’s te beheersen. De arbocatalogus ondersteunt de RI&E, maar vervangt deze niet: de RI&E bepaalt welke risico’s aanwezig zijn, de arbocatalogus laat zien hoe je die risico’s kunt beheersen.

Let op één ding, want hier gaat het geregeld mis. De erkenning van een instrument is niet permanent, en hij hangt aan het instrument, niet aan de sector. Een instrument kan erkend zijn en een tweede instrument voor dezelfde branche niet. Alleen bij een erkend instrument geldt de vrijstelling van toetsing voor organisaties met t/m 25 medewerkers. Check dus voor je begint of jouw instrument op rie.nl nog het erkenningsvinkje heeft. Kost twee minuten en voorkomt dat je straks alsnog moet laten toetsen.

En dat brengt ons bij de vraag die voor de meeste zorgorganisaties belangrijker is dan de instrumentkeuze: zit je boven of onder de 25? Werk je met meer dan 25 medewerkers, dan moet je RI&E hoe dan ook getoetst worden door een gecertificeerde kerndeskundige, ook als je een erkend instrument gebruikt. Veel zorgorganisaties zitten daar net boven zonder dat ze het beseffen: tel je oproepkrachten en uitzendkrachten mee, dan is de grens sneller bereikt dan je denkt. Ben je juist een kleine organisatie? Lees dan verder over de RI&E voor kleine bedrijven.

RI&E of kwaliteitssysteem: wat toetst de Arbeidsinspectie en wat de IGJ?

“We hebben ons kwaliteitskeurmerk net verlengd, dus dat zit wel goed.” Dat is de meest voorkomende misvatting in zorgorganisaties, en het is een dure.

Er zijn twee toezichthouders met twee verschillende opdrachten:

  • De Nederlandse Arbeidsinspectie (NLA) kijkt naar de veiligheid en gezondheid van je medewerkers. Dat is het domein van de Arbowet, en daarmee van je RI&E en je plan van aanpak.
  • De Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) kijkt naar de kwaliteit en veiligheid van de zorg aan je cliënten. Dat is het domein van de Wkkgz en het kwaliteitskader van je branche.

Die twee overlappen deels, want een uitgeputte medewerker levert onveiliger zorg. Maar ze vervangen elkaar niet. Een vlekkeloos kwaliteitsrapport van de IGJ zegt niets over de vraag of je RI&E actueel is, en een getoetste RI&E zegt niets over je cliëntdossiers.

Praktisch gevolg: je hebt beide nodig, en je kunt ze wel slim koppelen. Gebruik je de arbocatalogus van je branche, dan sluiten de maatregelen in je plan van aanpak vaak naadloos aan op wat je in je kwaliteitssysteem al beschrijft. Twee keer registreren is dan niet nodig, twee keer verantwoorden wel.

Hoe stel je de RI&E voor je zorgorganisatie op?

In zeven stappen:

  1. Bepaal je scope. Alle locaties, alle functies, alle contractvormen. In de thuiszorg horen ook de routes erbij, niet alleen het kantoor.
  2. Kies je instrument. Zie de tabel hierboven, en check de erkenning op rie.nl.
  3. Inventariseer met je mensen. Loop de locaties af, praat met medewerkers per functie en betrek je OR of personeelsvertegenwoordiging. Een vragenlijst achter een bureau invullen levert een RI&E op die niemand herkent.
  4. Beoordeel en prioriteer. Weeg elk risico op kans en effect, bijvoorbeeld met de methode van Kinney & Wiruth.
  5. Maak het plan van aanpak concreet. Elke maatregel krijgt een eigenaar, een deadline en een prioriteit. Zonder die drie is het een wensenlijst. Hoe dat eruitziet, staat in plan van aanpak bij de RI&E.
  6. Laat toetsen als het moet. Meer dan 25 medewerkers: toetsing door een gecertificeerde kerndeskundige.
  7. Houd hem actueel. Niet één keer per drie jaar uit de la, maar bij elke verandering die iets doet met risico: een nieuwe locatie, een andere cliëntdoelgroep, een verbouwing, of een tekort dat de werkdruk structureel verhoogt.

Wil je zien hoe een uitgewerkte RI&E eruitziet? Bekijk het voorbeeld-RI&E. En weet je nog niet wie dit intern gaat trekken: dat is meestal een taak voor de preventiemedewerker.

Wat gaat er in de praktijk mis bij een RI&E in de zorg?

Zes valkuilen die we structureel terugzien:

  • Werkdruk afvinken met een medewerkerstevredenheidsonderzoek. Een MTO meet tevredenheid en kan een indicatie geven. Het is bruikbaar als signaal, maar het is geen PSA-onderzoek en dus geen sluitende invulling van artikel 2.15.
  • Eén RI&E voor alle locaties. Twee woonlocaties met dezelfde zorgzwaarte kunnen totaal verschillende risico’s hebben, omdat het gebouw anders is. Trappen, bedhoogtes, vluchtwegen: dat verschilt per pand.
  • Zzp’ers en uitzendkrachten buiten de scope laten. Werken ze onder jouw regie, dan tellen ze mee. Ook voor de 25-grens.
  • Een plan van aanpak zonder eigenaar. “Wordt opgepakt in 2026” is geen maatregel. Er staat pas iets als er een naam en een datum bij staan.
  • Niet actualiseren terwijl de bezetting verandert. Precies het risico dat het snelst beweegt in de zorg staat dan het langst stil op papier.
  • Denken dat het kwaliteitskeurmerk de RI&E dekt. Zie de sectie hierboven over de Arbeidsinspectie en de IGJ.

Uit de praktijk

Bij IVARBO zien we in de zorg regelmatig dat de RI&E netjes op papier is geregeld, maar dat de dagelijkse praktijk ondertussen is veranderd. Nieuwe cliënten, andere hulpmiddelen, personeelstekorten en een hogere werkdruk zorgen ervoor dat risico’s verschuiven, terwijl de RI&E niet wordt aangepast.

Zo begeleidden wij een middelgrote zorgorganisatie die ervan overtuigd was dat de RI&E nog actueel was. Tijdens onze rondgang op de afdelingen bleek echter dat medewerkers cliënten regelmatig handmatig verplaatsten, terwijl daarvoor tilhulpmiddelen beschikbaar waren. Door de hoge werkdruk werden hulpmiddelen niet altijd gebruikt. Daarnaast kregen medewerkers steeds vaker te maken met verbale agressie van cliënten, terwijl dit risico nauwelijks was uitgewerkt in de RI&E en het Plan van Aanpak.

Samen met de organisatie hebben we de feitelijke werksituatie opnieuw geïnventariseerd, medewerkers betrokken bij de risicoanalyse en het Plan van Aanpak aangevuld met concrete verbetermaatregelen. Niet alleen de fysieke belasting, maar ook psychosociale arbeidsbelasting (PSA), agressie en werkdruk kregen een prominente plek. Het resultaat was een RI&E die niet alleen voldeed aan de Arbowet, maar vooral aansloot op de dagelijkse praktijk van de zorgmedewerkers.

De belangrijkste les? Een RI&E in de zorg draait niet alleen om documenten, maar om de mensen die dagelijks zorg verlenen. Pas wanneer de praktijk leidend is, wordt een RI&E een waardevol hulpmiddel voor veilig en gezond werken.

Hoe het wel werkt, laat een project bij Stichting GO! zien: een kinderopvangorganisatie met meerdere locaties, van dagopvang tot buitenschoolse opvang. Onze veiligheidskundige bezocht alle locaties, keek naar gebouwveiligheid, inrichting, gevaarlijke stoffen, geluid, binnenklimaat, fysieke belasting en brandveiligheid, en sprak met medewerkers. Per locatie kwam er een visuele rapportage, met daarnaast één plan van aanpak waarin elke maatregel een streefdatum, een verantwoordelijke, een prioriteit en een status kreeg. Lees de hele case: RI&E voor een organisatie met meerdere locaties.

Hoe pakt IVARBO de RI&E voor zorgorganisaties aan?

Wij doen dit niet vanaf een bureau. De aanpak in vier stappen:

  1. Intake. We brengen in kaart wat je hebt, wat er verandert en waar je zelf al twijfels over hebt.
  2. Locatiebezoek. Een veiligheidskundige komt langs op je locaties en praat met de mensen die er werken. Bij meerdere locaties: bij elke locatie.
  3. Rapport en plan van aanpak. Je krijgt een RI&E die je aan je team kunt uitleggen, met een plan van aanpak dat je kunt uitvoeren. Eigenaar, deadline en prioriteit per maatregel.
  4. Toetsing regelen. Moet je RI&E getoetst worden, dan zorgen wij dat dat gebeurt.

Een RI&E laten opstellen begint bij € 1.500 (excl. btw) voor kleinere organisaties. Wat het in jouw situatie kost, hangt af van het aantal locaties en functies. Meer over de dienst: RI&E laten opstellen.

Veelgestelde vragen

Is een RI&E verplicht in de zorg?

Ja, vanaf één medewerker in dienst. Dat volgt uit artikel 5 van de Arbowet en geldt net zo goed voor een huisartsenpraktijk als voor een zorgconcern. Het plan van aanpak hoort er wettelijk bij.

Welk RI&E-instrument moet ik als zorgorganisatie gebruiken?

Dat hangt af van je zorgbranche: ZorgRie voor VVT, PRIO-varianten voor ziekenhuizen en gehandicaptenzorg, een eigen instrument voor huisartsenzorg via SSFH. Je bent niet verplicht een branche-instrument te gebruiken, maar het scheelt werk. Check op rie.nl of het instrument dat je kiest erkend is.

Moet mijn zorgorganisatie de RI&E laten toetsen?

Heb je meer dan 25 medewerkers, dan is toetsing door een gecertificeerde kerndeskundige verplicht. Zit je op 25 of minder én gebruik je een erkend branche-instrument, dan hoeft het niet. Reken oproep- en uitzendkrachten mee bij het bepalen van je aantal.

Heeft elke zorglocatie een eigen RI&E nodig?

Wettelijk gaat de RI&E over jou als werkgever, dus formeel is één RI&E genoeg. Verschillen je locaties in gebouw, doelgroep of inrichting, dan is een locatiespecifieke inventarisatie binnen die ene RI&E wel de enige manier om er iets bruikbaars van te maken.

Wat is het verschil tussen de RI&E en de eisen van de IGJ?

De RI&E gaat over de veiligheid van je medewerkers en valt onder toezicht van de Nederlandse Arbeidsinspectie. De IGJ kijkt naar de kwaliteit en veiligheid van de zorg aan je cliënten. Ze overlappen deels, maar het een vervangt het ander niet.

Hoe vaak moet je de RI&E in de zorg actualiseren?

De Arbowet noemt geen termijn: hij eist dat je RI&E actueel is. In de praktijk wordt drie jaar als richtlijn gebruikt, maar in de zorg is de aanleiding meestal een verandering: een nieuwe locatie, een andere cliëntdoelgroep, een verbouwing of een structureel personeelstekort.

Close-up van een medewerker die een RI&E checklist invult.

Zullen we je RI&E samen doornemen?

Wij zijn geen loket dat een rapport over de schutting gooit. Onze veiligheidskundigen komen langs, praten met je mensen en leveren iets waar je intern mee verder kunt.

Dat werkt: beoordeling op Google met een 4,9/5, 500+ bedrijven geholpen, 100+ RI&E’s opgesteld. Actief sinds 2007, door heel Nederland, met een persoonlijke aanpak.

Twijfel je of je RI&E nog actueel is, of moet je hem laten toetsen en weet je niet waar te beginnen? In een gratis adviesgesprek kijken we naar jouw situatie en zeggen we eerlijk wat er nodig is. Bel 072 506 57 38 of vraag het gesprek hieronder aan.

Relevante artikelen

Lees meer over veilig werken